Het gemeentewapen
Rotganzen en leeuwen in blauw-goud wapen
Het gemeentewapen van Wieringen is middendoor gedeeld.
Het bovenste gedeelte wordt vastgehouden door twee klimmende leeuwen, alles van goud.
De leeuwen en de letter W staan op een grond van goud, die opkomt vanuit de schildrand, met een achtergrond van lazuur.
Het tweede gedeelte van dit blazoen is eveneens van lazuur, waarop twee zwemmende rotganzen van goud, zo vermeldt de officiële omschrijving van het wapen, dat op 26 juni 1816 door de Hooge Raad van Adel werd bevestigd in
het gebruik van de gemeente Wieringen.
Hierbij werd ook vermeld dat de rotganzen 'de eigenaardige vogels van dat eiland' zijn. Zoals de afbeelding laat zien, zwemmen de ganzen op water van goud.
Uit de letter W lezen wij Wieringen, waarmee deze gemeente een van de weinige is in Nederland die de beginletter van de gemeentenaam in het wapen heeft. Over de gans en diens algemene betekenis in de heraldiek kan nog worden vermeld dat hij doorgaat voor zinnebeeld van echtelijke trouw en van waakzaamheid.
De vlag van de gemeente Wieringen
De vlag is ontworpen in samenwerking met de Stichting voor Banistiek en Heraldiek te Muiderberg, onder voorzitterschap van de heer Sierksma. Het model, waarin de kleuren van het gemeentewapen zijn verwerkt, omvat de volgende symboliek:
Naar traditionele regels van de banistiek hebben de kleuren, voorkomende in het gemeentewapen, gediend tot basis voor de kleuren van de gemeentevlag. De wapenkleuren van Wieringen zijn goud op lazuur, in vlaggekleuren derhalve geel en blauw.
De bijzondere karakteristiek van het wapen van Wieringen bestaat uit rotganzen en de letter W. Deze rotganzen en de letter W zijn ook terug te vinden in de gemeentevlag.
Door toevoeging van het rode vlak met witte omranding is aansluiting gezocht bij de nautische vlag symbolisch voor de letter W van Wieringen.
Door de vormgeving van de vlag is er een duidelijke samenhang in de vormgeving van de vlaggen van andere voormalige Zuiderzeegemeenten.
De gemeentevlag is ingesteld bij raadsbesluit van 22 mei 1981.
(2003: correctie op beschrijving met dank aan de heer D.M. Oden).


